oproep
bekendmaking: Stichting 375 jaar Joden in Suriname.
sluiten

Geachte lezer,

Dit jaar is het 375 jaar gelden (1639) dat de eerste Joden in Suriname kwamen.
Dit heugelijk feit zal van 20 tot 26 oktober in Suriname worden herdacht.

Als bestuurslid van de Stichting "375 jaar Joden in Suriname" en nakomeling van deze pioniers ben ik trots en verheugd met het bekendmaken van dit feit in Europa alsmede met fondsenwerving. De Stichting is speciaal voor dit doel opgericht.

Hieronder treft u een document aan welke de geschiedenis van de Joden in Suriname weergeeft. De geschiedenis van de Joden in Suriname die sterk is vervlochten met die van Joden in Nederland.

Om deze festiviteiten tot een succes te maken hebben wij geld nodig.
Indien er personen of instellingen zijn die dit initiatief een warm hart toedragen verzoeken wij vriendelijk om uw of hun bijdrage. U kunt hiervoor contact met mij opnemen.
Uiteraard is een ieder van harte welkom om deze festiviteiten in Suriname bij te wonen.

Met vriendelijke groet,
Eddy Robles
Bestuurslid en Fondsenwerving
Stichting 375 jaar Jodendom in Suriname

erobles@jewsinsuriname.com
Phone: +31 6 28 13 33 73

De Joodse natie in Suriname.
In de periode augustus ‑ september van het jaar (2014) zal het 375 jaar geleden zijn dat de eerste Joden zich in Suriname vestigden. De juiste datum is niet meer bekend, het is immers al zo erg lang gelden (1639) en Suriname viel toen nog niet onder het Hollands bestuur. In de jaren daarna, waarschijnlijk omstreeks 1650, hebben zij zich ook gevestigd in het gebied dat later Jodensavanne genoemd zou worden en dat meer stroomopwaarts lag aan de Suriname rivier. De eerste Europese kolonie in Suriname werd dus niet door de Hollanders, maar door de Engelsen gesticht in 1652 onder leiding van Lord Willoughby, die gouverneur van Barbados was.
Aan het begin van de 17e eeuw lieten de Engelsen, Fransen en Hollanders hun oog op de West-Indiën vallen. Zij gingen ertoe over stukken van de nieuwe wereld te veroveren. Vanaf 1630 werd Recife een wingewest van de Nederlandse West-Indische Compagnie te midden van een door Portugal overheerst gebied. Vooral na 1634 werden naar Nederland gevluchtte Sefardisch-Joodse migranten met beloften van godsdienstvrijheid en lage belastingen door de Hollandse overheid aangetrokken om zich daar te vestigen. De zevenjarige regeringsperiode van 1637 tot 1644 van Graaf Johan Maurits van Nassau-Siegen (ook wel "Maurits de Braziliaan" genoemd) is tot op heden in de Braziliaanse herinnering blijven bestaan als een Gouden Tijd. In Recife van de graaf van Nassau verrees in de Jodenstraat, de huidige Rua do Bom Jesus, de eerste (recentelijk gerestaureerde) synagoge op het Amerikaanse continent, bestemd voor de Sefardische (Spanje) Joden. In de laatste jaren van graaf Maurits' bewind begon de sfeer in Recife echter te verslechteren. Ondanks de belofte van vrijheid van godsdienst, ontwikkelde zich ook in Recife weldra antisemitisme voornamelijk veroorzaakt door jaloezie en wantrouwen. Een groep Sefardische Joden uit Recife had zich toen inmiddels gevestigd in Nieuw Amsterdam (het huidige New York) en stichtte daar de eerste Joodse congregatie. In 1638 streken de eerste joodse kolonisten uit Holland, Portugal en Italië in Suriname neer. Zij vestigden zich in de oude hoofdstad Torarica en begonnen onmiddellijk in de omgeving suikerplantages op te richten. De joodse immigratie in Suriname kende echter verschillende "golven". In 1659 kreeg de Sefardische jood Joseph Nunes de Fonseca (waarschijnlijk in 1620 geboren in Recife), later bekend onder de naam David Cohen Nassy (David de Leider) toestemming van de West-Indische Compagnie een kolonie te stichten in Cayenne het latere
Frans-Guyana. Vijf jaar later in 1664 werd Cayenne echter door de Fransen op de Hollanders veroverd. Op 20 augustus 1664 verliet David Nassy Cayenne, samen met zijn medejoden, en vestigde zich in Suriname in Cassipora. Dat lag enkele mijlen meer stroomopwaarts dan de oude hoofdstad Torarica. Vervolgens vestigden zij zich ook in Jodensavanne, dat ten noorden van Cassipora aan de rechteroever van de Surinamerivier lag. Suriname was toen echter nog in handen van de Engelsen. Na een jaar, op 17 augustus 1665, kreeg de joodse gemeenschap in Suriname van de Engelsen vrijheid van godsdienst en het recht synagogen en scholen te stichten. Pas in 1667 kwam Suriname in Nederlandse handen, toen het door Abraham Crijnsen op de Engelsen veroverd werd in de Tweede Engels-Nederlandse Oorlog. De door de Engelsen gegeven rechten van de Joden liet Crijnsen in stand. In datzelfde jaar, op 31 juli 1667, ruilde de Nederlanders bij het Verdrag van Breda hun Noord-Amerikaanse kolonie Nieuw-Holland inclusief Nieuw-Amsterdam (het latere New York) voor de suikerplantages in Suriname. Twee jaar na deze Vrede van Breda, waarbij Suriname definitief Nederlands gebied werd, kregen de Joden in Suriname officieel toestemming voor het stichten van een kolonie inclusief een synagoge en een begraafplaats. De nieuwe kolonie, enkele kilometers van Cassipora, kreeg later de naam Jodensavanne. De eerste Joden in Suriname leefden tussen de Hollandse en Engelse kolonisten, eerst in Torarica, de toenmalige hoofdstad, later toen hun aantal groter werd ook in Cassipora en Jodensavanne. Volgens hun eigen archieven werd de "Portugees-Joodse Congregatie van Suriname" gesticht in het joodse jaar 5422 (1661/1662). Na de komst van de groep van David Nassy werden zij ook wel de "Congregatie van Cayenne" genoemd. Zolang Suriname Engels gebied was, ontvingen de joden belangrijke privileges van de Engelse Kroon. Deze privileges werden, zoals we al zagen, herbevestigd door de Hollanders, nadat Suriname in 1667 door Abraham Crijnssen was ingenomen. Tussen 1665 and 1667 werd in Jodensavanne de eerste houten synagoge gebouwd op het land van Baruch da Costa en Selomoch de Solis. De rijke joodse plantagehouder Samuel Nassy schonk in 1682, 1685 and 1691 stukken grond aan de Joodse gemeente. In 1685 verscheen een tweede synagoge, nu van steen. Het dorp in Jodensavanne was gebouwd op een heuvel en gunstig gelegen in de buurt van drie natuurlijke bronnen. Een daarvan leverde zuiver water, de tweede warm water en de derde was geneeskrachtig. Het water van die derde werd zelfs naar Europa geëxporteerd. Behalve de van steen opgetrokken synagoge met de naam Beracha Ve Salom ("Zegen en Vrede") waren er twee begraafplaatsen met veel witmarmeren stenen. De oudste was gelegen
aan de Cassiporakreek, de andere lag dicht bij de synagoge. De Joden van Jodensavanne legden plantages aan en produceerden suiker. Zij zagen Jodensavanne als een tweede "Heilige Land". Veel van hun plantages kregen Bijbels-Hebreeuwse namen: Be'ersjeba, Carmel, Mahana'im, Dothan, Soccoth, Moriah, Nahamou, Hebron, Rama etc.
Na de bloeiperiode in de 17e en begin 18e eeuw, vond er echter een economische recessie plaats in de 2e helft van de 18e eeuw (1765-1775). Deze werd veroorzaakt door de toename van grote leningen - in het bijzonder door de firma "Deutz" in Amsterdam -, die niet gebruikt werden voor verbetering van de landerijen, maar die vaak onverstandig werden gespendeerd, wat voortdurend resulteerde in uitstel van betaling. De bewoners begonnen Jodensavanne te verlaten en verhuisden naar de opkomende, nieuwe hoofdstad Paramaribo. In 1719 was daar al de synagoge Neve Salom ("Huis van Vrede") gebouwd, die in 1735 verkocht was aan de Asjkenazische joden. De Sefardische joden begonnen in datzelfde jaar nog met de bouw van hun eigen synagoge in Paramaribo, die zij Sedek Ve Salom ("Gerechtigheid en Vrede") noemden. Dit gebouw was voor de Sefardiem slechts een "Casa de Oracao" ("Huis van gebed"). Hun "echte" synagoge lag nog altijd in Jodensavanne. Voor het vieren van de joodse feestdagen kwamen zij in grote getale naar Jodensavanne terug. De synagoge aldaar werd nog lang in ere gehouden en op 12 oktober 1785 werd het eeuwfeest er nog groots gevierd. Maar dat nam niet weg dat na verloop van tijd er in Jodensavanne nog maar ongeveer 20 verarmde families woonden, die in hun bestaan voorzagen hoofdzakelijk door handel te drijven met de militaire bezetting langs het Cordonpad, een beschermende zône om het gebied van de plantages heen. In 1791 waren nog slechts 46 van de 600 plantages in Joodse handen, hoewel er 447 joden in Suriname woonden.
In 1832 legde een grote brand, die opzettelijk gesticht werd, haast alle woningen in Jodensavanne in de as. Sindsdien woonde men er niet meer. Desondanks werden nog tot omstreeks 1860 diensten gehouden in de synagoge. De plaats werd daarna overwoekerd door het oerwoud en van de synagoge bleef slechts een ruïne over. De meeste Joden hadden zich inmiddels te Paramaribo gevestigd en ging men voornamelijk in de handel. Aan het eind van de 17e eeuw en het begin van de 18e ontstonden er problemen tussen de Surinaamse Joden en de Nederlandse overheid. Hun privileges uit de daaraan voorafgaande tijd, zoals het sluiten van huwelijken, het openen van winkels op zondag en het uitoefenen van eigen
rechtspraak, stonden onder kritiek. In 1767 cumuleerden de vijandigheden zelfs in overwegingen om een getto voor de Joden op te richten in Paramaribo. Maar ondanks deze problemen was Suriname in het algemeen een plaats voor Joden waar zij een beter leven konden hebben dan waar ook in de wereld. Omdat zij de meerderheid en het meer ontwikkelde deel vormden van de blanke bevolking van het land was hun invloed op zowel de andere blanke kolonisten als op de slaven groot. De joden vormen nu nog maar een klein deel van de Surinaamse bevolking en van die kleine groep gaat vrijwel geen culturele beïnvloeding meer uit naar de rest van de bevolking. Hun betekenis voor de Surinaamse samenleving is in het verleden echter groot geweest. Veel gebruiken in taal, voeding en gewoonten, veel namen van personen en plaatsen zijn terug te voeren tot invloed van de Joden op de slaven en andere bewoners van Suriname.
Ook in de voeding is de Joodse invloed merkbaar. Niet-geschubde vis (nengre-fisi) werd als minderwaardig gezien. Geschubde vis (djoe-fisi) wordt tot op heden als van betere kwaliteit ervaren. Ook pom, nu algemeen beschouwd als het meest typische Surinaamse gerecht, is van joodse oorsprong. Het gebruik van tayer, waarvan de pom gemaakt wordt, was de slaven al bekend in Afrika, maar de wijze waarop de Joden die in pom verwerkten was nieuw. Veel namen van personen, plaatsen en straten wijzen op de grote joodse invloed op de Surinaamse samenleving. Persoonsnamen als Eliazer, Del Castilho, Robles, Fernandes, Da Costa, Arrias, d'Fonseca, Emanuels, plaatsnamen als Joden-Savanne, de Worsteling Jacobs, straatnamen als Sivaplein, Jessurunstraat, Jodenbreestraat, Lewensteinstraat laten geen twijfel bestaan over de Joodse oorsprong. Uit de vele Joodse persoonsnamen in de samenleving mag echter niet altijd de conclusie worden getrokken dat het gaat om biologische afstamming. Vaak kozen vrijgemaakte slaven de familienaam van hun meester of een daarvan afgeleide naam om bijvoorbeeld waardering te tonen. Ook de rouwperiode van acht dagen, die in Suriname in acht wordt genomen door de creolen, was oorspronkelijk een Joods gebruik. Op cultureel gebied bleven vooral de Sefardische Joden de toonaangevende figuren in de samenleving. Door hun ontwikkeling konden zij de Westerse cultuur in stand houden en uitbouwen. De Joden genoten in Suriname tal van voorrechten, zoals vanaf de zeventiende eeuw het recht om in 'de Joodse Natie' zelf huwelijken te sluiten en wetsovertreders te straffen. Maar in 1825 werden zij voor de wet in alle opzichten gelijk gesteld met de andere blanken, hetgeen ook inhield dat ze hun voorrechten kwijtraakten. Sociaal gezien waren zij in de eerste helft van de
negentiende eeuw een achtergestelde groep, maar samen met de opkomende stand van vrije creolen konden zij in de tweede helft van de negentiende eeuw hun positie versterken, met name in de intellectuele beroepen, zoals advocaten, rechters, onderwijzers en geneeskundigen. De Koloniale Staten werden soms voor meer dan de helft door Joden vertegenwoordigd, wat duidelijk de belangrijke maatschappelijke en politieke positie aangeeft die zij hadden verworven. Tegen het einde van de negentiende eeuw begonnen de joden weg te trekken, vooral naar Israel en Nederland. De Joden die bleven vonden een bestaan in de intellectuele beroepen en in de handel. Het Joodse leven in Suriname is wat religie betreft liberaal te noemen; de leefwijze echter is om praktische redenen versoepeld: zo kan het voortbestaan van de groep nog enigszins gewaarborgd worden. Een koshere huishouding voeren bijvoorbeeld gebeurt zo goed als dat kan binnen de mogelijkheden die het land biedt en met niet Joden worden ook wel huwelijken gesloten. De Joden die hier wonen hebben een keus voor het land gemaakt en zijn niet onderweg naar Israël. Men doet alles wat men kan aan het geloof, maar zegt in de eerste plaats Surinamer te zijn. En het is dit gevoel, dat men in dankbaarheid tot uiting wil brengen.


Wat een verrassing: JOODS BED AND BREAKFAST in AMSTERDAM en wel in west vlak bij Sjoel West. Plaats voor 3 personen ( 1 kind) in ruime kamer op de 3e etage ( trappen )met eigen w.c., badkamer, koelkast, radio, koffie/thee fasciliteit en heerlijke rust. 25 euro p.p. per nacht. Ontbijt op aanvraag en is kosjer z.n. Bereik: tram 1 en 17 halte Surinameplein. Bus 15 halte Corantijnstraat. Ringweg uitgang 106. mail erwin5770@gmail.com
SASKIA WEISHUT-SNAPPER PEINTISSERIES
textiele kunst en mixed media, voorts keppeltjes, tefille omslagen, parochot,choepot etc. www.saskia.weishut.com saskia@weishut.com

Coaching op essentie met Joodse ondertoon www.jessiedewind.nl advies@jessiedewind.nl Coaching op essentie met Joodse ondertoon www.jessiedewind.nl advies@jessiedewind.nl Coaching op essentie met Joodse ondertoon www.jessiedewind.nl advies@jessiedewind.nl
Heb je een facebookprofiel en weet je eigenlijk verder niets van facebook af ? Ben je een zelfstandige en wil je een fanpagina aanmaken ? Wil je dat ik voor jou je fanpagina bijhoud ? Heb je vragen over andere sociale media ? Mijn naam is Ronieth Ilsar en ik help je met plezier tegen redelijke prijzen. Ik heb verschillende cursussen sociale media gedaan en heb veel ervaring. Stuur een mailtje naar ilro1965@gmail.com
[www.autorenaissance.nl]
Kaits is een stichting voor Israelische cultuur in Nederland en biedt verschillende activititen: taalcursusssen, artstieke en cretieve workshops, films, museum tours, lezingen en cursussen, theater, viering van de Joodse feesten en veel meer.
................................................................. ......OPROEP...KUNSTENAARS...... ................................................................. ....................doe mee aan...................... ..............www.sendasmile.com............ ................................................................. .........KUNST&HALLOJOODS........ ..........voor GOEDE DOELEN.......... ................................................................. .........zie PRIKBORD>oproep........... .................................................................



YAD ELIE, een non-profit organisatie, geeft hongerige Joodse en Arabische schoolkinderen kans op een betere toekomst middels verantwoorde maaltijden. YAD ELIE heeft u nodig om hen te helpen!