mening
historicus Bart Wallet: de rituele slacht vanaf 1945 tot nu. 1
sluiten

Hoe voor‑ en tegenstanders van de rituele slacht van rol wisselden

Bart Wallet ‑ 14/05/11
bron: dagblad Trouw, Opinie,

Volgens historicus Bart Wallet was het toestaan van ritueel slachten

voor progressief Nederland lang de lakmoesproef voor de multiculturele
samenleving; populistisch en christelijk rechts verafschuwden het
daarom. Waarom brokkelt de steun nu af?
Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog is er vrijwel voortdurend
gedebatteerd over het ritueel slachten, met het huidige
initiatiefwetsvoorstel van de Partij voor de Dieren als voorlopige
climax. Maar het politieke klimaat waarin over het ritueel slachten werd
gesproken, is zienderogen veranderd. Er zijn ruwweg drie fases te
onderscheiden in het debat over ritueel slachten, dat sinds 1945 een
testcase blijkt te zijn voor de omgang van een christelijke dan wel
seculiere meerderheid met minderheidsgroepen.

Opperrabbijn Justus Tal had in 1945, pas opgedoken uit de onderduik, wel
andere zorgen aan zijn hoofd dan het verdedigen van het joodse ritueel
slachten. Toch moest hij direct volop aan de bak, om in de Nederlandse
samenleving ruimte te bevechten voor deze vitale voorziening voor
religieuze joden. De anti‑Joodse propaganda in de oorlogsjaren trok ook
op dit thema na 1945 nog zijn sporen.

Al in 1940 hadden de nazi's, als tweede anti‑joodse maatregel, Joden
verboden om nog langer onverdoofd ritueel te slachten. Verdoving werd
door de halacha, het Joodse recht, expliciet uitgesloten voor of na de
ene haal met een scherp mes door de hals. De nazi's vonden het een
'onbegrijpelijke misstand' dat Nederland tot dusver 'deze wreede
slachtmethode verdroeg, hoewel het Nederlandsche volk zeker te
beschouwen is als een volk van dierenvrienden'. De Nederlandse
opperrabbijnen, in het nauw gedrongen en uit verantwoordelijkheid voor
de gezondheid van de Joodse gemeenschap, stonden bij uitzondering toe
dat de dieren voor de slacht elektrisch verdoofd werden.

Precies die uitzonderingsbepaling werd na 1945 door politici en
slachthuizen aangegrepen. Hoewel de overlevende opperrabbijnen direct na
de Bevrijding lieten weten dat verdoving niet langer was toegestaan,
werd op lokaal niveau geprobeerd de hervatting van het onverdoofde
rituele slachten tegen te gaan. Al in november 1945 lag het abattoir in
Almelo dwars en in 1949 wilde de burgemeester van Winterswijk niet
meewerken. Telkens werd verwezen naar de oorlogsjaren: toen mocht het
toch ook, waarom nu weer moeilijk doen?

Met de bevrijding van Nederland waren alle door de Duitsers
uitgevaardigde wetten opgeheven of voorlopig geschorst. Hiermee werd ook
de koosjere slacht weer toegestaan, volgens de vooroorlogse
Voedselkeuringswet van 1919. Die wet bepaalde dat in principe verdoofd
werd geslacht, maar dat thuisslacht en Joodse slacht hieraan niet
hoefden te voldoen. Over het hele land waren tot in de oorlog koosjere
slagers te vinden, ook in plaatsen met maar weinig Joodse inwoners. Veel
niet‑Joodse Nederlanders aten destijds koosjer vlees. Deze slagerijen
hadden vaak een lange geschiedenis, die terugging tot de achttiende of
negentiende eeuw, als rond zo'n slagerij een Joodse gemeenschap
ontstond. Slechts als er koosjer vlees voorhanden was, kon er ook een
Joodse gemeente komen.

Die vrijheid om overal in het land koosjer te slachten was er na 1945
niet lang meer. De overheid luisterde naar het gemor van de
dierenbeweging, politici en medewerkers van abattoirs, en kwam in 1948
met nieuwe regels. Een nieuw principe werd geïntroduceerd: er mocht
slechts ritueel geslacht worden in een regio waar een duidelijke
behoefte was aan koosjer vlees. Daarnaast mocht het alleen nog maar in
veertien abattoirs plaatsvinden. Deze maatregel bleek de nekslag te zijn
voor net opnieuw gestarte koosjere slagerijen in plaatsen als Steenwijk
waar maar een klein aantal Joden de oorlog had overleefd. Niet‑Joodse
klanten telden niet langer mee.

Alleen in de grotere plaatsen kon hierdoor nog koosjer geslacht worden.
De koosjere slagers Keizer in Amsterdam, Samson in Enschede, De Leeuw in
Den Haag, Marcus in Zwolle en Keizer in Utrecht waren een begrip in
Joods Nederland. Zij zetten de eeuwenoude tradities voort en verkochten
hun vlees nog altijd aan een gemengd publiek.

De nieuwe regels betekenden niet dat het ritueel slachten uit de
gevarenzone was. In 1949 drong de overheid er al weer op aan bij
opperrabbijn Tal om de elektrische verdoving net als in oorlogstijd
toe te staan. Tal was verontwaardigd en vond het een aantasting van de
constitutionele rechten van de Joden. Voor hem was de overheidsdruk een
van vele naoorlogse maatregelen waaruit bleek dat de overheid geen
rekening wilde houden met de gedecimeerde Joodse gemeenschap. De
gemeenschap was nu zo klein geworden dat op vooroorlogse
uitzonderingsbepalingen voor Joden aan alle kanten werd beknibbeld,
naast het ritueel slachten bijvoorbeeld ook de zondagsopstelling voor
Joodse winkels.

Tal schreef een lijvig rapport, vol vooroorlogs materiaal ter
verdediging van de sjechieta, de rituele slacht, als diervriendelijk en
humaan. Zijn redding was dat de veterinaire hoofdinspecteur dit rapport
ter beoordeling voorlegde aan drie Nederlandse experts, die verdeeld
reageerden. Hierdoor was er onvoldoende basis voor wijziging van de wet
en bleef die verder onaangetast. Ook de export van koosjer vlees ‑ onder
meer naar de jonge staat Israël ‑ werd hierdoor goedgekeurd.

Hoewel de koosjere vleesvoorziening slechts een randverschijnsel was in
het grotere geheel van de vleesconsumptie, lag ze in de eerste
naoorlogse periode, van ruwweg 1945 tot 1970, regelmatig onder vuur. Zo
organiseerde de Dierenbescherming in 1954 een grote campagne. In het
herzuilde Nederland, met ruimte voor diversiteit binnen een
algemeen‑christelijke Leitkultur, wilden de meeste politieke partijen
echter de Joodse minderheid in het nieuwe, kleine en duidelijk
afgebakende domein accepteren. Evenals protestanten en katholieken,
genoten ook Joden immers vrijheid van godsdienst en mochten ze dat
publiek beleven. De introductie van behoefte als criterium strafte
daarbij de Joodse gemeenschap eigenlijk af op haar gedecimeerde omvang
na de oorlog. In het parlement kwam de kritiek op de sterk gereduceerde
koosjere slacht slechts van de SGP, die in haar visie op Nederland als
protestants‑christelijke natie geen aparte zuilen accepteerde. Naast het
'vreselijk lijden voor deze dieren' kon de orthodox‑protestantse partij
het ritueel slachten ook niet terugvinden in de mozaïsche wetgeving in
het Oude Testament en moest het dus uit de latere Joodse traditie komen.
En die erkende de SGP niet.


[www.autorenaissance.nl]
Coaching op essentie met Joodse ondertoon www.jessiedewind.nl advies@jessiedewind.nl Coaching op essentie met Joodse ondertoon www.jessiedewind.nl advies@jessiedewind.nl Coaching op essentie met Joodse ondertoon www.jessiedewind.nl advies@jessiedewind.nl


Kaits is een stichting voor Israelische cultuur in Nederland en biedt verschillende activititen: taalcursusssen, artstieke en cretieve workshops, films, museum tours, lezingen en cursussen, theater, viering van de Joodse feesten en veel meer.
Wat een verrassing: JOODS BED AND BREAKFAST in AMSTERDAM en wel in west vlak bij Sjoel West. Plaats voor 3 personen ( 1 kind) in ruime kamer op de 3e etage ( trappen )met eigen w.c., badkamer, koelkast, radio, koffie/thee fasciliteit en heerlijke rust. 25 euro p.p. per nacht. Ontbijt op aanvraag en is kosjer z.n. Bereik: tram 1 en 17 halte Surinameplein. Bus 15 halte Corantijnstraat. Ringweg uitgang 106. mail erwin5770@gmail.com
................................................................. ......OPROEP...KUNSTENAARS...... ................................................................. ....................doe mee aan...................... ..............www.sendasmile.com............ ................................................................. .........KUNST&HALLOJOODS........ ..........voor GOEDE DOELEN.......... ................................................................. .........zie PRIKBORD>oproep........... .................................................................
Heb je een facebookprofiel en weet je eigenlijk verder niets van facebook af ? Ben je een zelfstandige en wil je een fanpagina aanmaken ? Wil je dat ik voor jou je fanpagina bijhoud ? Heb je vragen over andere sociale media ? Mijn naam is Ronieth Ilsar en ik help je met plezier tegen redelijke prijzen. Ik heb verschillende cursussen sociale media gedaan en heb veel ervaring. Stuur een mailtje naar ilro1965@gmail.com

YAD ELIE, een non-profit organisatie, geeft hongerige Joodse en Arabische schoolkinderen kans op een betere toekomst middels verantwoorde maaltijden. YAD ELIE heeft u nodig om hen te helpen!
SASKIA WEISHUT-SNAPPER PEINTISSERIES
textiele kunst en mixed media, voorts keppeltjes, tefille omslagen, parochot,choepot etc. www.saskia.weishut.com saskia@weishut.com